Voorzorg Jaarverslag Lochem 2025

Wat is VoorZorg?

VoorZorg richt zich op (aanstaande) jonge moeders in een kwetsbare situatie en biedt langdurige, preventieve ondersteuning in de thuissituatie. In 2025 stond het werk sterk in het teken van groei, toenemende complexiteit en het verder verdiepen van de samenwerking met partners in het netwerk. De vraag naar VoorZorg neemt toe en de zichtbaarheid en erkenning van het programma zijn verder gegroeid.

Hoogtepunten

Een belangrijk hoogtepunt in 2025 is de sterke groei van het aantal moeders dat door VoorZorg wordt begeleid. Waar aan het begin van het jaar 19 moeders in zorg waren, groeide dit aantal naar 42 trajecten. Deze ruime verdubbeling laat zien dat VoorZorg steeds beter vindbaar is en dat het programma breed wordt herkend en gewaardeerd door samenwerkingspartners.

Ook de samenwerking met andere disciplines is verder verstevigd. Sociale teams, het consultatiebureau en andere betrokken professionals weten VoorZorg goed te vinden en weten wanneer inzet passend is. Opvallend is dat aanmeldingen steeds vaker vanzelf binnenkomen, zonder actieve werving. Dit wordt door het team gezien als een belangrijk signaal van vertrouwen in de effectiviteit van de ondersteuning.

Daarnaast ontvangen de VoorZorgverpleegkundigen regelmatig complimenten over hun werkwijze: nabij, betrouwbaar en gericht op het opbouwen van een duurzame relatie met de moeder. De impact van deze aanpak is zichtbaar, zowel bij de moeders zelf als binnen hun netwerk.

Uitdagingen in de praktijk

Naast deze positieve ontwikkelingen kent het werk ook stevige inhoudelijke uitdagingen. De problematiek van de moeders wordt steeds zwaarder en complexer. Bij vrijwel alle trajecten is sprake van multiproblematiek op meerdere leefgebieden, zoals instabiele of gewelddadige relaties, psychische problematiek, middelengebruik, schulden en een gebrek aan veilige huisvesting.

In 2025 viel daarnaast een toename op van intieme terreur, mentale mishandeling, manipulatie en controle binnen relaties. Dit vraagt om voortdurende alertheid, deskundigheid en zorgvuldige afwegingen. VoorZorgverpleegkundigen moeten dagelijks inschatten wat op dat moment veilig, verantwoord en helpend is — voor moeder én kind.

De hoge mate van bereikbaarheid, die kenmerkend is voor VoorZorg, maakt dit werk intensief. Contact via telefoon of WhatsApp, soms ook buiten reguliere werktijden, is vaak noodzakelijk om moeders goed te ondersteunen. Tegelijk vraagt dit om duidelijke professionele grenzen en onderlinge afstemming binnen het team, om kwaliteit en duurzaamheid van de zorg te waarborgen.

Samenvatting

  • Aantal moeders in zorg begin 2025: 19
  • Aantal moeders in zorg eind 2025: 42
  • Groei aantal trajecten: meer dan verdubbeld
  • Toenemende instroom vanuit POP-poli, sociale teams, andere partners en het consultatiebureau
  • Druk op beschikbare capaciteit, met aandacht voor kwaliteit en zorgvuldige afweging bij nieuwe instroom

Trends in het werkveld

In het werkveld zijn meerdere trends zichtbaar. De verzwaring van problematiek is al langer gaande, maar heeft zich in 2025 verder verdiept. Daarnaast is er een duidelijke toename van onzekerheid rondom huisvesting, waardoor moeders en jonge gezinnen vaker tijdelijk of onveilig wonen.

Ook signaleren VoorZorgverpleegkundigen veranderingen in houding en gedrag van jonge ouders, zoals een afnemend besef van risico’s rondom onbeschermde seks en ongewenste zwangerschappen. Deze signalen worden actief gedeeld met gemeenten en financiers, omdat zij relevant zijn voor preventief beleid en vroegtijdige ondersteuning.

Casus: Een jonge moeder op drift

Een twintigjarige moeder meldt zich met haar zeven weken oude dochtertje in een acute crisissituatie. Ze staat letterlijk op straat en weet niet waar ze naartoe kan. Thuis bij haar (ex-)partner voelt ze zich onveilig, haar eigen moeder biedt geen opvang en haar tijdelijke verblijf op een camping voelt kwetsbaar en onzeker.

Wat opvalt, is haar grote angst om haar kind kwijt te raken. Ervaringen uit haar eigen jeugd maken haar wantrouwend richting hulpverlening. Tegelijkertijd is haar liefde en zorg voor haar dochter onmiskenbaar; zij vormt haar houvast en motivatie.

De VoorZorgverpleegkundigen besluiten haar te ontmoeten op de camping. Er is sprake van chaos, uitputting en angst, maar ook van betrokkenheid en veerkracht. In de dagen daarna houden zij intensief contact. Niet vanuit een protocol, maar vanuit aanwezigheid: blijven, luisteren en beschikbaar zijn.

Na dit eerste contact wordt de moeder aangemeld voor een VoorZorg-late-starttraject. Ze had tijdens de zwangerschap eerder ‘nee’ gezegd, maar is nu bereid ondersteuning te accepteren. Met kleine stappen, duidelijke afspraken en veel aandacht voor vertrouwen wordt het traject opgestart. Parallel daaraan wordt samen met de gemeente gezocht naar passende woonruimte.

Deze casus laat zien waar VoorZorg voor staat: niet beginnen bij systemen of formulieren, maar bij contact. Aanwezig zijn op momenten die niet te plannen zijn, maar die wel het verschil maken voor moeder en kind.